Het Einde Nabij
Doodvermoeid door duizend vragen
Schreeuwen, smeken, God aanklagen
Weer een nacht, maar weer geen rust
Onrust, twijfel, hartverscheurend
Nergens slagend, niets opbeurends
Enkel depressiviteit
Ben ik verblind? Ben ik verdoofd?
Waar is mijn God, die had beloofd
Nabij te zijn in tijd van nood?
Mijn vlam is bijna uitgedoofd
En enkel in mijn kleingeloof
Stamel ik in doodsangst uit:
Jezus, Jezus, kom bevrijden!
Red mij, Redder, uit mijn lijden!
Haal mij op uit deze hel!
Want had ik het voor het zeggen
Zou ‘k ‘t leven nu afleggen
Was mijn strijd, verleden tijd
Toekomstbeeld en heden, tijden
Drukken al te zeer op mij
Kom, mijn Heiland, mij bevrijden
Kom, verlos en reinig mij!
Erik, 2000
