Jaap Zijlstra (1933-2015): een verpletterende ontdekking en een veranderlijke God

Jaap Zijlstra (Wassenaar, 1933) is dinsdag 22 december in zijn woonplaats Amsterdam overleden. ContrariO Magazine interviewde de predikant en dichter in 2012. “Als kleuter voelde ik al dat ik anders was. Ik hield niet van vechten, schoppen en ruwe praatjes.”

Eenmaal puber, in de kleedkamer van de atletiekvereniging, was er voor Jaap geen ontkomen meer aan. “Ik had toen in de gaten: ik ben anders”. Op zijn zeventiende kreeg hij van zijn moeder een boekje over seksualiteit. In hoofdstuk vijf ging het over een erg aardige hopman bij de padvinderij, waarvoor je moest uitkijken. “Het was voor het eerst dat ik het woord homoseksualiteit las. Ik dacht: en zo ben ik. Voor zo iemand moest je dus oppassen. Het was verpletterend.”

In de kerk was de jonge Jaap Zijlstra gezien en geliefd bij iedereen. “Maar ik besefte dat dat zou veranderen als mijn geaardheid uitkwam.” Zijlstra werd predikant en ging in 1967 naar zijn eerste gemeente, het Friese Wijnjewoude. Daar zweeg hij in alle talen over zijn geaardheid. “Dan zeiden ze wel eens tegen mij: ‘Het zou toch mooi zijn met een vrouw in de pastorie?’ Ja, maar niet iedere vrouw wil in een pastorie wonen, antwoordde ik dan.”

Op een zondag in de pinkstervakantie van 1983 preekte Zijlstra in Ermelo enthousiast over het Hooglied, een loflied op de liefde. Tijdens de preek dacht hij plotseling aan al die mensen die ook een partner zouden willen hebben, die ook gestreeld zouden willen worden. Mensen die gescheiden zijn. Mensen die homo zijn. “En ik dacht: doen!”

Zijlstra besloot zijn preek met de woorden: “Ik heb vanmorgen ook mensen verdriet gedaan. Ik denk aan mensen die alleen zijn, en getrouwd wilden zijn. Of mensen die gescheiden zijn. En dan zijn er nog de mensen met een andere geaardheid, de homo’s. Daar is in de kerk ook heel weinig of nooit aandacht voor geweest. Voor zo iemand is zo’n preek pijnlijk. Ik weet waar ik over praat, want ik ben zelf ook homo.”

De preek ging als een lopend vuurtje door Nederland, vertelde Zijlstra in 2012 aan ContrariO Magazine. “Er waren veel dominees die zich geen raad wisten met hun homofiele gemeenteleden. Ik ben die zomer niet op vakantie geweest. Er is heel wat afgehuild in de pastorie.”

Voor homo’s had Zijlstra het volgende advies: richt je naar het gebod van de liefde uit Romeinen 13:10. “Als mensen je niet accepteren of je minachten, probeer dan begrip op te brengen en liefdevol te blijven. Maar je moet ook de trots hebben om er te zijn. Wees er zoals je bent, samen met je vriend, want zo wil je geaccepteerd worden!”

Voorgangers in de gemeente moeten met een nieuwe visie voor de dag durven komen, vond Zijlstra. “Wij hebben een heel veranderlijke God. Het is toch heerlijk dat onze God berouw kan hebben?”

Jaap Zijlstra werd 82 jaar. Hij wordt begraven in het domineesgraf in Zunderdorp.

Lees het volledige interview met Jaap Zijlstra hier.

Door: communicatiecommissie


Dageraad

Adriaan, houd mij geborgen
voor de springvloed van de morgen
voor het sleepnet van de plicht,
houd mijn ogen toegedicht.

Laat het vieren van getijden
over aan de ingewijden,
aan de vakman en de vlijt,
aan de tering van de tijd.

Voor de branding van de morgen,
voor de toevloed van de zorgen,
voor het vlagen van de saan,
berg me, lieve Adriaan.

Jaap Zijlstra